Chemotherapie
Bij chemotherapie wordt gebruik gemaakt van antikankermiddelen
(cytotoxische geneesmiddelen) voor het vernietigen van de
kankercellen. Deze geneesmiddelen bereiken de kankercellen via de
bloedstroom. Bij de behandeling van hoofd-halskanker zijn de meest
gebruikte middelen cisplatine en fluorouracil (5-FU). Bij klinisch
onderzoek kunnen Taxol (paclitaxel) of Taxotere (docitaxel) worden
gebruikt. Chemotherapie kan via een injectie of via tabletten
worden toegediend.
Er zijn verscheidene omstandigheden waarin chemotherapie wordt
toegepast.
- Als de patiënt een tumor heeft die waarschijnlijk niet
alleen met radiotherapie kan worden genezen, wordt voorafgaand
aan de radiotherapie de grootte van de tumor met chemotherapie
teruggebracht om zo te proberen chirurgisch ingrijpen te
voorkomen.
- Chemotherapie kan tegelijk met radiotherapie worden gegeven
(dit wordt ook wel chemoradiotherapie genoemd).
- Chemotherapie kan worden gebruikt om kankersoorten te
behandelen die zich buiten de oorspronkelijke plaats van de
tumor hebben uitgezaaid, of zijn teruggekomen na chirurgie en/of
radiotherapie.
|